opdracht
In hun "Programma van Eisen (PvE)" schoven de opdrachtgevers enkele duidelijke en specifieke wensen naar voren.
Er diende geen veelvoud aan kinderkamers te worden geïntegreerd. Het kinderloze gezin focuste vooral op de hobby's. In de eerst plaats wilden de opdrachtgevers een praktische oplossing voor hun zogenaamd "moto-helm-syndroom": als moto-liefhebbers misten ze in hun huidige woonst vooral voldoende en vlot bereikbare bergruimte (ifv helmen, pakken ed).
Geen kinderen, betekent meer tijd voor sociaal contact met vrienden: een polyvalente ruimte voor feestjes zou dus niet misstaan. De opdrachtgevers zagen deze polyvalente ruimte liefst op het gelijkvloers, in aansluiting met de tuin. Het eigenlijke woongebeuren zagen ze op de bovenverdieping; als kraaienest uitkijkend over de omgeving.
Op de vaststelling dat het, vooral aan de straatzijde gelegen, fantastische uitzicht gekoppeld zou gaan met iets minder gunstig geörienteerde raamopeningen, reageerden de opdrachtgevers vrolijk maar gevat “laat dit een creatieve zoektocht zijn voor de architect”.
architectuur
De droom van de opdrachtgever om een volwaardige verdieping te bouwen, werd al gauw in kiem gesmoord door de dienst ruimtelijke ordening. Laatstgenoemde wou immers dat strikt het gabarit van de naastgelegen halfopen bebouwing werd gevolgd. Normaliter brengt dit niet echt moeilijkheden met zich mee, maar hier bevond de naburige kroonlijsthoogte zich op nauwelijks 2m65. Met dit complexe gegeven als startpakket werd de uitdaging verder aangegaan en het ontwerp vormgegeven, telkens met de terugkoppeling naar het behalen van de passiefhuisstandaard.
De eerder gesloten technische en sanitaire functies werden in een smalle strook gepositioneerd, in aansluiting met de naburige woonst. Ten gevolge het strikt te volgen gabariet is de vrije hoogte er lager. De meer ruimte en licht behoevende leef- en polyvalente ruimtes kregen de langse gevel toebedeeld.
De scheiding tussen beide zones werd dragend uitgevoerd. Door de bescheiden breedte-overspanning van de polyvalente ruimte, zijn geen verdere dwarse steunmeuren nodig en blijft de ruimte flexibel invulbaar. Desgevallende latere kopers zouden er vlot kinderkamers kunnen in onderbrengen.
Teneinde komaf te kunnen maken met de typische naar-de-hemel-gerichte-veluxen, werd een specifieke dakvorm ontworpen met twee grote canvassen die de landelijke vergezichten inkaderen. Het gabariet van het naburig gebouw werd nauwgezet gevolgd; de leefruimte kreeg gestalte onder de twee uit de kluiten gewassen dakkappellen. De in eerste opzicht ietwat vreemd lijkende vormgeving is een rechtstreeks gevolg van een doorgedreven typologische zoektocht, in antwoord op een bijzonder PvE en rekening houdende met zeer strikte stedenbouwkundige randvoorwaarden. Het resultaat is een sculpturale monoliet, ingepakt met lichtgrijze leien. Deze materiaalkeuze biedt heel wat voordelen; zowel bouwfysisch (minder koudebruggen), constructief (minder plaatsverlies, eenvoudig te verwerken) als esthetisch.

Foto: denc!-studio